Smaken verschillen

Smaken verschillen

Even een dag helemaal niets. Of te wel: we waren thuis, zongen Russische liedjes, ruimden wat op in het huis en gingen aan de slag met courgettes, aubergines en diverse marinades voor op de BBQ. De rolverdeling was simpel: Sofia deed het koken en papa hielp waar nodig en leefde zich verder uit met een ouderwetse niet-automatische camera (met een prachtige, maar lastige lens).

Sofia kwam aan met vier soorten groenten: langwerpige gele en groene courgettes, ronde courgettes en dikke aubergines. Ze sneedt ze allemaal in plakken van ca. 1 cm. dik.

We maakten twee marinades op basis van olie en één van sojasaus. Daar voegde ze wisselend verse kruiden aan toe, zoals tijm, dille en knoflook. Verder een ui. Voor peper en zout is na het bakken plek.

Wij bakken op houtskool. Aansteken doen we met een stuk keukenrol dat we deels dopen in zonnebloemolie en dan tussen de houtskool proppen om het vervolgens aan te steken. Simpel, niet-chemisch en ongevaarlijk. Onscherpe foto, dus nog even oefenen op de lens.

En dan is het een kwestie van de groente een paar minuten aan beide zijden bakken. Tekort bakken betekent dat je een spons eet en als je ze te lang bakt dan wordt het rubber. Dunnere plakken is korter, maar dat spreekt voor zich.

De aubergines waren het lekkerste met een marinade op basis van olie met knoflook en ui. De ronde courgette deden het beter met sojasaus. Maar ja, N=3 en smaken verschillen 🙂

Spasibo!

Spasibo!

Twee maanden voor zijn honderdste verjaardag vond Yakov het voor nu goed geweest op deze wereld. Het is de opa van de voor ons oh zo belangrijke Nina. Dat is de half-zus van Ksenia en daarmee de tante van Sofia, maar zij ziet Nina dan weer als haar grote zus of hele bijzondere vriendin. Yakov is één van die miljoenen anonieme Russen aan wie te danken hebben dat Duits een keuzevak is.

Hij is bijna 17 (!) als de Nazi’s de USSR binnenvallen en hij met zijn broers aan de bak moet. Hij verruilt de technische school noodgedwongen voor de infanterie en vecht een ruwe strijd tegen een superieure vijand. Ze kunnen de nazi’s niet tot stoppen dwingen en moeten ver terugtrekken. Die terugtocht eindigt rond de kerst in 1941 in de buurt van Moskou.

Yakov overleeft het bloedige winteroffensief in de metershoge sneeuw en wordt in het voorjaar van 1942 overgeplaatst naar het zuiden van Rusland. Zijn broers en vader overleven 1941 niet.

In de Kaukasus kan hij als technicus aan het werk bij de relatief veilige luchtmacht. Hij werkt initieel bij de technische dienst op vliegvelden, maar wordt later boord-technicus in bommenwerpers. In die rol maakt hij het einde van de slag bij Stalingrad mee en daarna vecht hij bij Charkov en Rostov in het oosten van de Oekraïne.

In 1944 zit hij bij de jachtbommenwerpers en helpt hij zijn eigen Minsk te bevrijden. Daarbij wordt de Duitse legergroep ‘Mitte’ omsingeld en vernietigd. In die twee maanden verliezen de nazi’s in Wit-Rusland net zoveel troepen als Engeland en Amerika samen gedurende de gehele oorlog. In 1945 is Yakov tijdens de slag om Berlijn technicus/staartschutter op een jachtbommenwerper en is hij 76 dagen achtereen in actie rond en boven de Duitse hoofdstad.

Yakov is de enige mannelijke overlevende uit zijn familie en praat nooit over de oorlog. Zijn medailles en titels interesseren hem niet: “Tegenover één waardeloos plaatje metaal staan de levens van tientallen vrienden en familieleden.” Hij vindt zichzelf geen held, want hij deed wat “iedereen zou doen”. Yakov had tot het eind van zijn leven een bloedhekel aan Duitsers.

Om de strijd in Oost-Europa in perspectief te zetten een paar getallen. Het huidige Wit-Rusland is dan onderdeel van de Sovjet-Unie. Aan het begin van de oorlog wonen er in Wit-Rusland net zoveel mensen als in Nederland in die tijd: ca. 8 miljoen. Nederland maakt één hongerwinter mee, Wit-Rusland heeft drie jaar honger. Nederland verliest in de tweede wereldoorlog 187.000 mensen, een gruwelijk aantal. In Wit-Rusland vallen 2 miljoen doden, dus een kwart (!) van de bevolking overleeft de oorlog niet.

Dat nooit weer, zeiden we na de oorlog tegen elkaar. Maar wie heeft het nog weleens over die verschrikkingen?

Ik zie het!

Ik zie het!

Vanaf haar derde fotografeert MiniMe met een telefoon van één van haar ouders, of met de camera die ze zelf heeft helpen bouwen. Alle toestellen zijn voorzien van een schermpje voor compositie, dus het kind kan letterlijk de was doen. Papa heeft op zijn Leica’s geen scherm, maar gebruikt een zoeker. Dat vond de Mini interessant en zij wilde ook zo’n raampje waardoor je naar het onderwerp kijkt. Na wat onderzoek besloot ik een Fuji InstaxMini voor haar te kopen.

Dat is een grappige zeer betaalbare camera met een hoge funfactor. Hij werkt met direct-klaar film, dus produceert een fysieke foto en leert Mini zo het proces van kijken naar resultaat. En: hij heeft een zoeker. Sofia vond het “een interessant ding” en ging ermee aan de slag.

Voor een volwassene is het werken met een zoeker op de Instax Mini best lastig door de manier waarop Fuji de werking bedacht heeft, dus laat staan voor een jong mens. Je moet de camera iets van je gezicht afhouden om die zoeker daadwerkelijk te kunnen gebruiken. Een hobbeltje voor een ervaren fotograaf, maar een himalaya voor een Mini van drie: de motoriek is er nog nog niet geheel en omgaan met ruimte en zichtlijnen is ook nog in ontwikkeling.

Frustratie was het gevolg. Buitengewoon confronterend voor mezelf, omdat ik van dichtbij mijn eigen grilligheid zag. Oei. Op talloze manieren probeerde ik haar te helpen, maar het lukte niet. Wat een temperament heeft die dame. Mini vond de camera niet meer interessant en ging weer aan de slag met beeldschermpjes.

We zijn een paar maanden verder, als Mini in Israel haar belangrijkste knuffels nauwkeurig oplijnt en opstapelt: “Papa, ik wil een foto maken.” Automatisch geef ik haar mijn Lytro, op dat moment haar favoriete camera met een scherm. Ze speelt wat met de hoek en maakt een foto van een neus. En één van een neus met ogen. En één van een rij zeehonden.

“Papa, ik wil een echte foto maken. Mag ik die andere camera?” Met twee handen pakt ze de InstaxMini.

Ze bestudeert de achterkant met de zoeker en brengt de camera omhoog. Ik zie dat ze er te dicht op zit en weet dat ze dus niets ziet. Ik zie haar verstrammen. Een diepe zucht. Nog een zucht. En nog een poging. Ik geef haar een tip, maar laat haar vooral zelf klooien.

Ik ken mezelf. Op zo’n moment helpt weinig. Ze schuift en draait de camera. Weer een zucht. Maar dan witte rook: “Papa, ik zag ze! Door het gaatje. Ik ga een foto van ze maken. Een echte foto.”

Ze drukt af. Maar niets. Een zucht. Ze bestudeert nauwkeurig de camera: “Oh, ik moet hem natuurlijk wel aanzetten!”

Ze mikt en schiet een overzichtsfoto. “Ik wil ze groter.” Turend door de zoeker, schuilfelt ze naar voren. Ze doet een stapje naar links. Naar rechts. Bukt iets. KLIK. “Hmmm, ik denk dat ik behalve Karien en Zwartoog ze allemaal heb.” Ze wappert met de foto. Twee minuten later bevestigt het resultaat haar conclusie.

Ze pakt de camera opnieuw en zoekt een plekje. KLIK. “Nu heb ik ze allemaal.”

– tekst gaat verder onder de foto –

Ze is nu 4 jaar verder en de Instax Mini heeft weinig geheimen meer voor haar. We gebruiken hem nog heel vaak, omdat een fysieke foto iets magisch heeft: afdrukken, 2 minuten wachten en resultaat in je hand in plaats van op je scherm.

We maken er veel projecten omheen en dan krijgt ze een beperkt aantal foto’s en een opdracht. Die opdracht spreken we vooraf uitgebreid door en als ze tussentijds vragen heeft, dan weet ze me te vinden. Ze bepaalt zelf wat ze vertelt en hoe ze de beschikbare foto’s daarop inzet en – indien het een meerdaags project is – over de verschillende dagen verspreidt.

In onderstaande film heb ik gepoogd iets van dat proces te laten zien. In een volgende film vertel ik iets van het proces erna: wat doe je met die foto’s?

Maar heeft ze dan geen digitale camera? Ik hoor het je denken: jazeker! Maar fysieke film maakt zo’n project net spannender: je kunt een film niet weggooien en opnieuw maken, want je hebt echt maar een beperkt aantal foto’s. Dat aspect zorgt ervoor dat ze wel 3 keer nadenkt over wat ze fotografeert en of die foto wel van toegevoegde waarde is in het verhaal dat ze in haar hoofd heeft.