Ik zie het!

Ik zie het!

Vanaf haar derde fotografeert MiniMe met een telefoon van één van haar ouders, of met de camera die ze zelf heeft helpen bouwen. Alle toestellen zijn voorzien van een schermpje voor compositie, dus het kind kan letterlijk de was doen. Papa heeft op zijn Leica’s geen scherm, maar gebruikt een zoeker. Dat vond de Mini interessant en zij wilde ook zo’n raampje waardoor je naar het onderwerp kijkt. Na wat onderzoek besloot ik een Fuji InstaxMini voor haar te kopen.

Dat is een grappige zeer betaalbare camera met een hoge funfactor. Hij werkt met direct-klaar film, dus produceert een fysieke foto en leert Mini zo het proces van kijken naar resultaat. En: hij heeft een zoeker. Sofia vond het “een interessant ding” en ging ermee aan de slag.

Voor een volwassene is het werken met een zoeker op de Instax Mini best lastig door de manier waarop Fuji de werking bedacht heeft, dus laat staan voor een jong mens. Je moet de camera iets van je gezicht afhouden om die zoeker daadwerkelijk te kunnen gebruiken. Een hobbeltje voor een ervaren fotograaf, maar een himalaya voor een Mini van drie: de motoriek is er nog nog niet geheel en omgaan met ruimte en zichtlijnen is ook nog in ontwikkeling.

Frustratie was het gevolg. Buitengewoon confronterend voor mezelf, omdat ik van dichtbij mijn eigen grilligheid zag. Oei. Op talloze manieren probeerde ik haar te helpen, maar het lukte niet. Wat een temperament heeft die dame. Mini vond de camera niet meer interessant en ging weer aan de slag met beeldschermpjes.

We zijn een paar maanden verder, als Mini in Israel haar belangrijkste knuffels nauwkeurig oplijnt en opstapelt: “Papa, ik wil een foto maken.” Automatisch geef ik haar mijn Lytro, op dat moment haar favoriete camera met een scherm. Ze speelt wat met de hoek en maakt een foto van een neus. En één van een neus met ogen. En één van een rij zeehonden.

“Papa, ik wil een echte foto maken. Mag ik die andere camera?” Met twee handen pakt ze de InstaxMini.

Ze bestudeert de achterkant met de zoeker en brengt de camera omhoog. Ik zie dat ze er te dicht op zit en weet dat ze dus niets ziet. Ik zie haar verstrammen. Een diepe zucht. Nog een zucht. En nog een poging. Ik geef haar een tip, maar laat haar vooral zelf klooien.

Ik ken mezelf. Op zo’n moment helpt weinig. Ze schuift en draait de camera. Weer een zucht. Maar dan witte rook: “Papa, ik zag ze! Door het gaatje. Ik ga een foto van ze maken. Een echte foto.”

Ze drukt af. Maar niets. Een zucht. Ze bestudeert nauwkeurig de camera: “Oh, ik moet hem natuurlijk wel aanzetten!”

Ze mikt en schiet een overzichtsfoto. “Ik wil ze groter.” Turend door de zoeker, schuilfelt ze naar voren. Ze doet een stapje naar links. Naar rechts. Bukt iets. KLIK. “Hmmm, ik denk dat ik behalve Karien en Zwartoog ze allemaal heb.” Ze wappert met de foto. Twee minuten later bevestigt het resultaat haar conclusie.

Ze pakt de camera opnieuw en zoekt een plekje. KLIK. “Nu heb ik ze allemaal.”

– tekst gaat verder onder de foto –

Ze is nu 4 jaar verder en de Instax Mini heeft weinig geheimen meer voor haar. We gebruiken hem nog heel vaak, omdat een fysieke foto iets magisch heeft: afdrukken, 2 minuten wachten en resultaat in je hand in plaats van op je scherm.

We maken er veel projecten omheen en dan krijgt ze een beperkt aantal foto’s en een opdracht. Die opdracht spreken we vooraf uitgebreid door en als ze tussentijds vragen heeft, dan weet ze me te vinden. Ze bepaalt zelf wat ze vertelt en hoe ze de beschikbare foto’s daarop inzet en – indien het een meerdaags project is – over de verschillende dagen verspreidt.

In onderstaande film heb ik gepoogd iets van dat proces te laten zien. In een volgende film vertel ik iets van het proces erna: wat doe je met die foto’s?

Maar heeft ze dan geen digitale camera? Ik hoor het je denken: jazeker! Maar fysieke film maakt zo’n project net spannender: je kunt een film niet weggooien en opnieuw maken, want je hebt echt maar een beperkt aantal foto’s. Dat aspect zorgt ervoor dat ze wel 3 keer nadenkt over wat ze fotografeert en of die foto wel van toegevoegde waarde is in het verhaal dat ze in haar hoofd heeft.