Veteranen

Veteranen

Op 3 oktober in 1944 executeerden de Duitsers in het Engelse werk in Zwolle zes gevangenen, waaronder een aantal joden. De zes jonge mensen waren her en der opgepakt en werden uit wraak doodgeschoten, nadat ze eerst hun eigen graf hadden moeten graven. Het lijkt een actie van een lokale commandant, want de lijken werden niet afgevoerd maar ter plekke begraven. De Duitse politie (SD) vond de lijken in april 1945 en voerde ze conform procedure af. De slachtoffers zijn inmiddels herbegraven.

Zwolle herdenkt de gebeurtenis jaarlijks met een kleine ceremonie georganiseerd door nabijgelegen Basisschool De Brug die het monument geadopteerd heeft. Er zijn korte toespraken en er worden bloemen gelegd. Talloze veteranen van alle leeftijden werken eraan mee en leggen de jeugd uit wat oorlog betekent.

We bezochten de herdenking, verkenden de omgeving, stelden ons voor hoe het er daar toen aan toe moet zijn gegaan en spraken met een aantal veteranen over hun ervaring. Ze vertelden over afzien en strijd, over het verlies van dierbaren en de dankbaarheid van de lokale bevolking.

Vooral het gesprek met veteraan Blom maakte veel indruk op Sofia. Als marinier verdedigde hij in 1961 en 1962 Nieuw Guinea tegen Indonesische parachutisten en hij heeft diverse onderscheidingen voor man tot man gevechten. Hij vertelde dat hij daar nog vaak aan terug denkt en dat het niet altijd makkelijk is: “Soms heb je goede dagen en soms niet.”

Aan de keukentafel spraken we ‘s avonds over de regio, die tijd en de omstandigheden waaronder marinier Blom daar met zijn makkers ver van huis zijn werk heeft moeten doen. We spraken over de inzet van onze soldaten nu: Mali, Jordanië en Sint-Maarten. We keken naar een stukje debat over een defecte mortiergranaat. Maar Sofia kon Marinier Blom niet uit haar hoofd zetten.

Ze rekende uit dat die strijd 56 jaar geleden is en dat het wel heel heftig moet zijn geweest als hij daar nu nog regelmatig last van heeft. “Onbegrijpelijk” vond Sofia, “net als die executies. Waarom doen mensen elkaar dat aan?”

Ja, goeie vraag. We ruimden de tafel af en maakten koffie. In vrijheid, dankzij types als Marinier Blom, de ultieme brandweer.

De andere kant

De andere kant

In de tweede wereldoorlog belegerden de Nazi’s Leningrad gedurende bijna 900 dagen (8 september 1941 – 27 januari 1944). Dat beleg vroeg veel van de bevolking. In de strijd en door uithongering kwamen meer dan een miljoen Russen om. De hele bevolking werd gemobiliseerd om de aanstormende Duitsers tegen te houden. Iedereen werd aan het werk gezet: loopgraven en forten aanleggen, wapens maken, hout hakken, wacht lopen, etc. De Nederlandse schrijver Jaap ter Haar schreef er het indringende jeugdboek ‘Boris’ over.

Voor de Russen was het verbreken van de belegering een hoogtepunt en mentaal is het belangrijker dan de overwinning bij Stalingrad. Zeker omdat Stalin er tijdens de oorlog al maximaal gebruik van maakte om het moreel op te vijzelen (en wellicht daarom de belegering mogelijk langer heeft laten duren dan noodzakelijk was). Ook voor de huidige regering is het verbreken van de belegering een terugkerend feestmoment.

In Sint Petersburg bezochten we zo’n herdenking. Voor de Hermitage hadden de Russen een prachtige collectie voertuigen, kanonnen, vrachtwagens en tanks neergezet. Dat werd opgeluisterd met historische patriottische liederen die op een harmonica werden gespeeld en die door bezoekers uit volle borst werden meegezongen.

Onze Russische familie werd tijdens de oorlog voor meer dan de helft uitgedund. Alle overlevenden speelden vrijwillig of verplicht een actieve rol in die donkere dagen. Sofia heeft veel contact met haar overgrootmoeder die gedurende de belegering diverse rollen heeft vervuld: ze groef loopgraven, liep met een hooivork en emmer zand wacht op de daken om brandbommen onschadelijk te maken en haalde lijken uit huizen om ziekten tegen gaan. Ze is ‘held van de stad’ en daarmee een veteraan met aanzien (meer over oma Alevtina vind je hier).

Via een soort puzzel- en speurtocht liepen we van metro naar het immense plein waar we een middag doorbrachten en daar de belegering en de consequenties daarvan bespraken. Al eerder hadden we “Boris” gelezen, dus we stonden uitgebreid stil bij de wagens die over het bevroren Ladoga-meer via “De weg van het leven” voorraden naar de stad brachten. Aan de hand van getoonde westerse voertuigen hadden we het over de lend/lease-regeling waarmee het westen de Russen te hulp kwam en de rol van de Nederlandse koopvaardij daarin. We bekeken (luchtdoel) kanonnen, tanks en bunkers. Sofia zong  liederen mee en danste op de Harmonica-muziek.